Een World Cup is bijzonder voor iedereen die erin speelt. Maar voor sommigen kan het toernooi nog nét wat specialer zijn. Daen van Tilborg maakt volgende week zijn debuut op het grootste toneel: “Ik probeer te doen wat het team nodig heeft.”

Fans die het (inter)nationale 3×3 basketball volgen kennen hem al. Daen van Tilborg, de 25 jarige, 2.03 meter lange schutter loopt al een tijdje mee. Hij speelde meer dan 10 jaar geleden zijn eerste toernooi. In de U15-categorie bij ‘Streetball Masters’ werd hij toen tweede. In de jaren die volgden speelde hij meer dan 100 toernooien, met 11 World Tours en 13 Challengers.

En daar komen er nog veel bij, als het zo doorgaat. Het ’26 is pas net begonnen en hij heeft er al acht bijgeschreven, waaronder 2 Challengers en 2 WT’s. Basketball.nl praatte kort met Daen over zijn selectie, zijn rol in het team en de keuzes die coach Aron Roijé moet maken.

Daen, gefeliciteerd met je selectie! Hoe voelt het om naar de World Cup te mogen?

Supervet! Ik ben er heel erg dankbaar voor dat ik daar straks mag staan. Ik heb er ontzettend veel zin in.

Waarom heeft coach Aron jou geselecteerd, denk je?

We draaien tot nu toe met Team Amsterdam een goed seizoen, en komen van een goed toernooi. (Team Amsterdam RABOBANK) won de Hamburg Challenger en werd tweede tijdens de World Tour in Zadar, Kroatië) Dat is heel consistent. Ik denk dat het laatste toernooi de doorslag gaf.

Wat wordt jouw rol binnen deze groep?

Veel rebounds pakken en energie brengen. Screentjes zetten. En af en toe een balletje erin gooien. Ik probeer te doen wat het team nodig heeft.

Voelt het als jouw taak om de selecties die coach Aron moet maken, zo moeilijk mogelijk te maken?

Dat geldt denk ik voor iedereen. We hebben een goede, grote groep waar coach uit kan kiezen. En deze keer gaan deze vier het doen. Maar dat is altijd je doel: die keuze moeilijk maken.

Als laatste: een voorspelling. Wat gaan we doen in Polen?

We gaan voor goud, natuurlijk!

En een winnende twee van Daen van Tilborg?

Dat is prima. Maar het maakt niet uit wie het doet.

Beeld: Maarten Groot