Charlon Kloof in actie tegen Polen (November 2025)

Tijdens Nederland – Oostenrijk vorige week zette de Nederlandse Basketball Bond een grote stap in het eren van zijn helden. Charlon Kloof, die eind 2025 zijn 50e FIBA interland speelde, kreeg een moment in de spotlight. Tijd om het verhaal van #90 in het Nederlandse team eens op te schrijven.

Hoe begon jouw basketbalverhaal eigenlijk?
“Toen ik zeven was, in Suriname. Een vriend van me was net uit Amerika naar Suriname verhuisd en hij begon daar met basketballen. Hij kende nog niet veel mensen en vroeg of ik met hem mee wilde. Ik deed toen eigenlijk nog geen sport, dus ik zei: laten we het proberen.”

Wanneer werd het meer dan gewoon een hobby?
“Toen we bij een club gingen spelen. We trainden meteen drie keer per week. Maar het moment waarop ik echt dacht: dit kan iets worden, was toen ik twaalf was. Ik ging naar een basketbalkamp in Amerika. Ik dacht vooraf dat ik waarschijnlijk de slechtste speler zou zijn tussen al die Amerikaanse jongens. Mijn ouders hadden me altijd meegegeven: doe gewoon je best. Op de tweede dag merkte ik dat ik eigenlijk bij de beste spelers hoorde. Dat was echt een moment waarop ik dacht: wacht even… ik kan hier echt goed in zijn.”

Je besloot toen al dat je prof wilde worden?
“Ja, ik heb zelfs een family meeting gehouden. Ik zei: dit is wat ik wil doen, ik wil profbasketballer worden. Vanaf dat moment ging het vooral om beter worden. Elke dag trainen. Ik had altijd het gevoel dat ik moest inhalen, dat ik harder moest werken dan anderen.”

Je maakte ook al jong een plan voor je carrière.
“Klopt. Rond mijn vijftiende kreeg ik het advies om mijn doelen op papier te zetten. Ik heb toen echt opgeschreven welke routes er waren richting de top, richting de NBA: via college of via Europa. Wat heb je daarvoor nodig? Wat zijn de stappen? Mijn grootste voordeel was dat ik al vroeg wist wat ik wilde. Daardoor kon ik veel tijd investeren om beter te worden, fouten te maken en daarvan te leren.”

Wanneer kwam Oranje in beeld?
“Ik had al voor de Nederlandse jeugdteams gespeeld. In 2015, na mijn eerste seizoen als prof, zag ik dat Nederland zich had geplaatst voor EuroBasket. Toen dacht ik: dat is het volgende niveau. Uiteindelijk werd ik benaderd en zo sloot ik me aan bij het nationale team.”

Wat zijn momenten met Oranje die je nooit vergeet?
“De wedstrijd tegen Georgië op EuroBasket 2015 blijft speciaal, omdat ik daar de game-winning assist gaf!

Dat was sowieso je eerste FIBA-game! Je had 22 punten en jullie wonnen met één verschil!
“Dat zijn momenten waar je als speler van droomt! Ook een moment tegen Kroatië staat me nog heel goed bij. Tijdens die wedstrijd werd ik opeens over het hele veld verdedigd door hun NBA-speler Bogdanović. En hij was de enige bij hun die full court stond. Dat was voor mij echt een teken van respect. Je denkt dan: oké, ze nemen mij serieus.

En natuurlijk de overwinning op Turkije in Ankara. Dat was een uitwedstrijd in een zaal met zo’n 17.000 fans, echt een gekkenhuis. Juist in zo’n omgeving winnen met het Nederlands team maakt het extra bijzonder, en ik stond die wedstrijd ook écht te knallen. Dat zijn wedstrijden die laten zien wat we als team kunnen en die je als speler altijd bijblijven.”

Wat betekent het voor jou om voor Nederland te spelen?
“Het is altijd bijzonder. Zeker als je in Nederland speelt. Er zitten dan mensen op de tribune die je naam kennen, die over je hebben gehoord, maar die je misschien nog nooit live hebben zien spelen. Dat geeft extra motivatie. Dan wil je laten zien wat je kunt en waarom je op dat niveau speelt. Daarnaast voel je ook gewoon trots. Je speelt voor je land, voor de fans, en voor alle jongens die eerder in Oranje hebben gespeeld. Dat geeft altijd een speciaal gevoel.”

Waar kan dit Nederlandse team naartoe?
“Ik denk dat een WK echt realistisch kan zijn voor dit team. Natuurlijk, de Olympische Spelen zijn lastig omdat er maar weinig Europese teams naartoe gaan. Maar een wereldkampioenschap zie ik wel gebeuren. In de volgende kwalificatieronde wordt het altijd zwaar, want je speelt tegen sterke landen. Maar als die volgende kwalificatieronde de norm wordt, en we op het juiste moment als team klikken, dan denk ik dat we snel een WK zullen halen en echt iets moois kunnen neerzetten.”

En jij persoonlijk?
“Ik blijf altijd vechten voor mijn plek. En ik heb nog niemand gezien die mijn plaatsje zomaar van me afpakt! Maar tegelijkertijd probeer ik ook te investeren in de jonge spelers. Ik praat veel met jongens die na mij zijn gekomen en probeer ze te helpen waar ik kan.

Voor mij is het belangrijk dat de volgende generatie het niveau weer hoger brengt. Spelers vóór ons hebben dat ook gedaan. Zij hebben het Nederlandse basketbal naar een bepaald niveau gebracht, wij hebben het weer een stap verder gebracht. Uiteindelijk is het aan de jonge jongens om dat opnieuw te doen. Maar dat moet je verdienen op het veld.”

Beeld bij dit artikel: Robert Verboon